Hoe Emiel begon bij Reggedok – en hoe het waardendocument zijn werk vormgeeft
Van een toevallige ontmoeting naar een gedeelde visie
“Het begon in 2016. Ik had contact met de vader van Harald en hij zei: misschien moet je eens met Reggedok gaan praten. Toen ben ik met Lenny en Melanie om tafel gegaan bij de Bijvank, aan die grote houten tafel. We spraken over hoe wij zorg zien: niet als iets lineairs, maar als iets menselijks. Dat klikte meteen. Op basis van die gedeelde visie begonnen we klein: af en toe een cliënt doorverwijzen voor PMT, want ik werkte toen nog voor mezelf. Later belde Harald: ‘Wil jij in een onder- aannemerschap?’ Ik wist niet eens wat dat was, maar ik zei ja. En zo rolde ik erin. Uiteindelijk vroeg hij: ‘Wil je er niet gewoon bij in?’ Ook dat wist ik niet precies wat het betekende, maar ik zei weer ja. Vanaf dat moment voelde het alsof ik echt onderdeel was van Reggedok.”
Van vaktherapeut naar teamcoach
In het begin werkte Emiel als psychomotorisch therapeut. Ondertussen was hij ook bezig met zijn opleiding tot systeemtherapeut. Gaandeweg werd hij steeds meer betrokken bij het meedenken over beleid en het begeleiden van collega’s. “Ik vond het geweldig om samen casussen te bespreken en vooruit te denken over hoe we de zorg vanuit Reggedok konden vormgeven. Het voelde als pionieren.”
Een plek om jezelf te zijn
“Voor mij voelde Reggedok als een plek waar ik niet meer hoefde te voegen naar allerlei verwachtingen. Ik kon gewoon mezelf zijn. Daarvoor had ik vaak het gevoel dat ik me moest aanpassen, maar hier was ruimte om mijn eigen manier van werken te laten zien. Dat gaf vrijheid. Tegelijkertijd was het ook spannend, want in een nieuwe omgeving kun je je identiteit opnieuw neerzetten. Dat heb ik bewust gedaan: niet vanuit controle, maar vanuit wie ik echt ben. Natuurlijk vonden collega’s dat in het begin wel bijzonder – ik kwam overal te laat, leverde Excel-bestanden niet op tijd aan. Sommigen dachten: ‘Wat is dat voor man?’ Maar juist door open te zijn en samen te werken, groeide er vertrouwen. En dat is voor mij de kern: je mag hier zijn wie je bent, en dat is goed genoeg.”
Het waardendocument: een kompas voor de toekomst
Samen met het MT werkte Emiel aan het waardendocument – een fundament voor hoe Reggedok wil werken, nu en in de toekomst. “Het document gaat over liefde voor de mens, verdraagzaamheid, plezier, humor en autonomie. Het moet niet alleen op papier staan, maar voelbaar zijn in alles wat we doen.”
Voor Emiel is het waardendocument meer dan een richtlijn: het is een belofte. “Over zeven generaties moet Reggedok nog steeds bestaan vanuit deze waarden. Dat vraagt om keuzes die niet alleen efficiënt zijn, maar duurzaam en menselijk.”
Humor en plezier als serieuze waarden
“Humor is voor mij onmisbaar. Het maakt dingen draaglijker en helpt om taboes te doorbreken. Soms heb je humor nodig om moeilijke onderwerpen bespreekbaar te maken. Voor mij is een dag zonder lachen echt een dag niet geleefd. Humor zorgt voor plezier in het werk, maar ook voor verbinding: het haalt spanning weg en creëert ruimte om samen te leren.”
Hij koppelt humor aan de kernwaarden van Reggedok, zoals plezier en gelijkwaardigheid. Het is niet zomaar een grapje tussendoor, maar een bewuste manier om een veilige sfeer te creëren waarin fouten gemaakt mogen worden en waarin mensen zich vrij voelen om zichzelf te zijn.
Loslaten en vertrouwen
Na jarenlang een actieve rol te hebben gespeeld in het ontwikkelen van nieuwe ideeën, teams en processen binnen Reggedok, besloot Emiel een stap terug te doen uit zijn leidinggevende functie. In plaats van volledig te stoppen, koos Emiel ervoor om op een andere manier betrokken te blijven.
“Mijn eerste gedachte was: ik stop helemaal. Ik was klaar. Maar dat zou zonde zijn. Ik hou van Reggedok, dus ik moest een manier vinden om op een liefdevolle manier los te laten of anders vast te houden.”
Hij koos ervoor om minder aanwezig te zijn, maar wel betrokken te blijven op een manier die past bij de huidige fase van Reggedok. Een manier die ook beter past bij Emiel zelf. Zo heeft hij meer ruimte voor andere activiteiten buiten Reggedok, iets wat Emiel scherp houdt.
Het proces binnen het MT
Ook het MT moest samen veranderen. Hoewel er altijd veel vertrouwen en eigenaarschap is uitgedragen, wilden ze nog meer het eigenaarschap daar beleggen waar het hoort, namelijk bij alle medewerkers. Dat betekent dat ze als MT ook dingen anders moesten gaan organiseren.
Daarom introduceerden ze Samen Organiseren Reggedok en willen ze in de toekosmt over gaan naar steward ownership: iedereen in de organisatie krijgt zeggenschap en verantwoordelijkheid. Het waardendocument en het document over samen organiseren vormen hierbij de basis.
“Eigenaarschap moet niet alleen bij het MT liggen, maar overal in de organisatie voelbaar zijn.”
Waarom loslaten belangrijk is
Emiel ziet loslaten niet als afstand nemen, maar als een stap naar duurzaamheid:
“Reggedok mag niet afhankelijk zijn van ons als eigenaars. Het moet stevig staan op zijn eigen waarden, zodat het over zeven generaties nog bestaat.”
Hij vergelijkt het met opvoeden: eerst intensief zorgen, later steunend ouderschap. “Het voelt alsof het bedrijf volwassen is geworden. Nu moet ik leren om niet alles meer zelf te willen doen.”
Zijn oproep aan de wereld
Emiel sluit af met een boodschap die verder reikt dan Reggedok. Hij pleit voor meer gevoeligheid en verantwoordelijkheid in menselijke relaties. Emiel verwijst naar het concept van ethische raakbaarheid (geïnspireerd door filosoof Levinas):
“We worden allemaal geraakt door de Ander. Dat is onvermijdelijk. Maar wat doen we met dat appèl? Vaak schuiven we het opzij, uit gemak of angst. Ik geloof dat we moeten leren om bewuster om te gaan met die verantwoordelijkheid.”
Hij benadrukt dat iedere ontmoeting een appèl is – een oproep om te handelen of te reflecteren. Dat kan iets kleins zijn, zoals iemand groeten, of iets groots, zoals ingrijpen bij onrecht. Volgens Emiel is het probleem dat we in onze samenleving steeds meer geneigd zijn om weg te kijken, terwijl juist die gevoeligheid ons mens maakt.
Verbinding in plaats van onverschilligheid
In een wereld waarin individualisme groeit, dreigt onverschilligheid. Emiel ziet gevoeligheid niet als zwakte, maar als kracht: het vermogen om geraakt te worden en daar iets mee te doen. Hij noemt dat veel mensen hun gevoeligheid zien als een tekortkoming, terwijl het juist een superkracht is. “Wie geraakt wordt, kan betekenisvol handelen.” Het gaat niet om altijd ja zeggen. Soms is het goed om niet te handelen, maar die keuze moet bewust zijn. “Vraag jezelf af: kan ik dit nu dragen? En als het antwoord ja is, pak dan je verantwoordelijkheid.”
Hoe vertaalt dit zich naar Reggedok?
Binnen Reggedok wil Emiel deze oproep concreet maken door ruimte te maken voor het innerlijk dialoog. Collega’s mogen hun onderbuik gevoel uitspreken en onderzoeken. Daarnaast gaat het om eigenaarsschap en betrokkenheid; niet alleen taken uitvoeren, maar nadenken over wat jouw rol betekent in het geheel.
Fouten niet zien als falen maar als leermomenten
Emiel zegt in het interview dat fouten niet gezien moeten worden als falen, maar als leermomenten. Hij benadrukt dat we vaak te hard zijn voor onszelf als iets niet loopt zoals gepland. “Ik denk dat we nog wel wat te winnen hebben in het leren falen met elkaar. Ik ben zelf best hard naar mezelf als ik een fout maak. Maar eigenlijk moeten we veel milder zijn. Fouten zijn geen ramp, ze zijn een kans om te leren. Collega’s moeten voelen dat ze fouten mogen maken zonder angst voor oordeel. Dit sluit aan bij het waardendocument, waarin onder andere vertrouwen en plezier centraal staan.”
“We moeten leren lachen om fouten en ze zien als onderdeel van ontwikkeling. Dat maakt ons werk menselijker en duurzamer.”
