Reggedok Interview
Eef van Asselt
“Je kunt een kind niet los zien van zijn omgeving”
Toen Eef vier jaar geleden bij Reggedok begon, was er nog geen duidelijke afdeling voor behandeling en diagnostiek. Inmiddels staat die er wél – stevig, inhoudelijk doordacht en zelfs al uitgegroeid tot twee teams. Samen met collega Anne Wil legde Eef hiervoor de basis. Maar de weg daarnaartoe begon ergens anders.
“Voordat ik hier kwam, werkte, ik o.a. in de residentiële jeugdzorg,” vertelt Eef. “Daar voelde ik steeds sterker dat ik niet kon bieden wat ik belangrijk vond. De problematiek was complex, er was eigenlijk te weinig tijd om echt contact te maken met de kinderen en hun gezinssystemen. Terwijl dat voor mij juist de kern is.” Ze besloot het roer om te gooien en ging werken in een kleinere praktijk. “Daar kwam ik weer dichter bij de inhoud van het vak. Maar tegelijkertijd begon het ook te kriebelen: hoe zou het zijn als je vanaf het begin iets kunt opbouwen, op een manier die echt past bij jouw visie?” Die kans vond ze bij Reggedok. “Wat me meteen aansprak, was de openheid. Het vertrouwen dat je krijgt om mee te denken en mee te bouwen. En ook: dat er écht geluisterd wordt naar je professionele oordeel. Ook word ik blij van de korte lijnen tussen de verschillende disciplines binnen Reggedok. Je kunt elkaar gemakkelijk even aanschieten en zo wordt de hulpverlening een stuk eenvoudiger.”
De afdeling diagnostiek en behandeling stond toen nog in de steigers. “Er was al wel de wens om dit neer te zetten, maar het moest nog vorm krijgen. Dat vond ik juist leuk: samen kijken hoe het wél kan.” Inmiddels werken er twee teams binnen deze tak, maar de uitgangspunten zijn hetzelfde gebleven. “We werken niet volgens een standaardlijstje. We kijken per kind en gezin wat nodig is. Dat klinkt simpel, maar het vraagt dat je steeds opnieuw afstemt en durft te vertragen.” Volgens Eef is diagnostiek daarin geen doel op zich. “Er wordt vaak gedacht: we moeten eerst weten wat het is, dan kunnen we het oplossen. Maar zo werkt het niet. Een diagnose kan helpend zijn, als een soort wegwijzer. Maar het gaat er uiteindelijk om dat iemand zichzelf beter gaat begrijpen en ook zijn omgeving.”
Ze benadrukt dat die zoektocht altijd breder is dan alleen het kind. “We kijken naar de ontwikkeling, naar wat iemand heeft meegemaakt en naar de omgeving. Want gedrag ontstaat niet in een vacuüm. Je kunt een kind niet los zien van zijn systeem.” In haar werk merkt Eef dat er vaak een verwachting ligt van ‘oplossen’. “Alsof wij iets kunnen repareren. Maar kinderen zijn geen machines. Je kunt ze niet fixen.”
Wat dan wel?
“Begrijpen, samen kijken, verdragen. En soms ook accepteren dat iets er is – en dat je leert hoe je daarmee omgaat.” Die boodschap is soms spannend voor ouders. “Want natuurlijk wil je dat het beter gaat met je kind. En dat willen wij ook. Maar ‘beter’ betekent niet altijd dat klachten verdwijnen. Soms betekent het dat je er anders mee om leert gaan.” Daarin ziet ze ook haar rol: eerlijk en transparant zijn. “We nemen ouders stap voor stap mee in hoe wij kijken. Niet alleen naar gedrag, maar naar het verhaal erachter.”
Wat Eef typeert in haar werk bij Reggedok, is de ruimte om af te wijken van wat ‘hoort’ als dat nodig is. Ze vertelt over een meisje dat volledig vastliep. “Ze ging niet meer naar school, kwam haar bed niet meer uit. Volgens het traject zaten we nog in de fase van psycho-educatie. Maar alles in mij zei: dit klopt niet meer. Dit meisje heeft iets anders nodig.” In plaats van vast te houden aan het plan, besloot ze langs te gaan. “Gewoon, om er te zijn. Om te laten zien: ik zie je, ik denk met je mee.” Het meisje zat uiteindelijk beneden. Aangekleed. Bezig met een puzzel. “Dat zijn van die momenten waarop je denkt: ja. Dit is het. Dit is waarom je soms moet loslaten wat ‘zou moeten’, en moet doen wat passend is.” Die ruimte ervaart ze binnen Reggedok. “Je moet het wel kunnen onderbouwen, natuurlijk. Maar er is vertrouwen. Geen afvinklijstjes, geen vast protocol waar je per se doorheen moet.”
In alles wat Eef doet, staat één ding voorop: contact.
“Als er geen verbinding is, kun je de mooiste interventies inzetten, maar gebeurt er niets.” Ze ziet dat ook terug bij sommige professionals. “In opleidingen ligt vaak de nadruk op methodes: CGT, EMDR, protocollen etc.. Dat is belangrijk, maar het risico is dat je denkt dat het dáár om draait.” Volgens haar begint het ergens anders. “Eerst echt kijken: wie zit er tegenover me? Wat heeft deze persoon nodig? Durf ik mezelf ook als mens in te brengen?” Die houding maakt volgens haar het verschil. “Je hoeft het niet perfect te doen. Als je oprecht bent en aansluit, kom je vaak verder dan met welk stappenplan dan ook. Volg altijd je hart, ook als hulpverlener, want daar kun je op vertrouwen.
Naast haar werk in de behandelkamer ziet Eef ook kansen in andere vormen van behandelen, zoals buitenpsychologie. “De natuur helpt om letterlijk in beweging te komen. Je zit niet tegenover elkaar in een kamer, maar bent samen aan het lopen/ bewegen. Dat maakt gesprekken vaak anders, vrijer en je knapt er fysiek en mentaal van op”. Ook het werken met dieren spreekt haar aan. “Dieren reageren puur en zonder oordeel. Dat kan heel helpend zijn, zeker voor kinderen en jongeren die het lastig vinden om zich uit te spreken.” Hoewel het soms zoeken is hoe dit aansluit bij de doelgroep, ziet ze het als een waardevolle aanvulling. “Ik denk dat we daar nog veel in kunnen ontwikkelen binnen Reggedok.”
Tot slot staat Eef stil bij een bredere ontwikkeling. “We leven in een samenleving waarin alles snel moet en maakbaar lijkt. Problemen moeten opgelost, gevoelens moeten weg. Maar zo werkt het leven niet.” Ze pleit voor meer ruimte om stil te staan. “Verdriet, angst, onzekerheid, boosheid: het hoort erbij. Het gaat er niet om dat het weggaat, maar dat je leert hoe je ermee omgaat.” Daarbij gebruikt ze graag een vergelijking met de natuur. “In de winter lijkt alles stil te staan. Maar onder de grond gebeurt van alles. Dat zie je niet, maar het is er wel. En uiteindelijk komt er weer groei.” Met die blik kijkt ze ook naar de kinderen en gezinnen waarmee ze werkt. “Soms zie je nog niet meteen verandering. Maar dat betekent niet dat er niets gebeurt.”
Wat begon als een idee, is inmiddels een stevige pijler binnen Reggedok geworden. Twee teams die zich dagelijks bezighouden met diagnostiek en behandeling — met ruimte voor maatwerk, verbinding en professionele autonomie. Voor Eef is het duidelijk waar de kracht zit: “Dat we blijven kijken. Blijven afstemmen. En dat we het samen doen: met het kind, met ouders en met elkaar.”
